„Een symfonie met een schitterende timing”
DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN ZUID-AFRIKA
DE MENSELIJKE spraak is een wonder. Zo’n 100 spieren in borst, keel, kaak, tong en lippen werken samen om ontelbare verschillende geluiden te produceren. Elke spier is een bundel van honderden tot duizenden vezels. Er zijn meer hersencellen voor de beheersing van deze spiervezels dan er nodig zijn om de beenspieren van een atleet te besturen. Eén zenuwcel is voldoende voor elk van de 2000 vezels van een kuitspier. Zenuwcellen daarentegen die het strottehoofd besturen, zijn vaak maar met twee of drie spiervezels verbonden.
Elk woord of zinsdeel dat u gebruikt, heeft zijn eigen patroon van spierbewegingen. Alle informatie die nodig is om een zinnetje als „Hoe gaat het?” uit te spreken, zit opgeborgen in het spraakcentrum van uw hersenen. Betekent dit dat uw brein een uniek, star stap voor stap verlopend spierprogramma gebruikt om elk woord of elke woordgroep uit te spreken? Nee. Het spraakvermogen is veel indrukwekkender. Stel dat u een zweertje in uw mond hebt waardoor het moeilijk is om woorden uit te spreken op uw unieke manier. Zonder daar bewust over na te denken past het brein de beweging van de spraakspieren aan en stelt u in staat de woorden te articuleren op een manier die zo dicht mogelijk in de buurt komt van uw normale manier van praten. Dit wijst op nog iets schitterends.
Een simpele begroeting als „Hallo” kan een veelheid van betekenissen overbrengen. In de toon van de stem kan doorklinken of de spreker in zijn hum is, opgewonden of verveeld, gehaast, geïrriteerd, droevig gestemd of bang; en er kunnen verschillende gradaties van dergelijke stemmingen door onthuld worden. Ja, de betekenis van een enkele uitdrukking kan veranderen naar gelang de mate van actie en de tot op een fractie van een seconde getimede samenwerking van een groot aantal afzonderlijke spieren.
„In een plezierig tempo”, zo licht dr. William H. Perkins in zijn boek Stuttering Prevented toe, „uiten wij zo’n 14 klanken per seconde. Dat is tweemaal zo snel als wij onze tong, lippen, kaak of enig ander deel van ons spraakmechanisme kunnen besturen wanneer wij ze afzonderlijk bewegen. Maar combineer dat alles om te praten en ze werken als de vingers van een goede typiste of een concertpianist. Hun bewegingen overlappen elkaar in een symfonie met een schitterende timing.”
Tot op zekere hoogte kunnen sommige vogels menselijke spraakklanken nabootsen. Maar geen enkel dier heeft een brein dat geprogrammeerd is om spraak te produceren zoals het menselijke brein dat doet. Het is niet verwonderlijk dat geleerden er niet in zijn geslaagd apen duidelijke spraakklanken te laten uiten. Volgens de neurobioloog Ronald Netsell valt het vermogen van de spraak te vergelijken met dat van „de uitzonderlijke persoon die volledig op het gehoor piano speelt”. Of zoals de lexicograaf Ludwig Koehler concludeerde: „De menselijke spraak is een geheim; ze is een goddelijk geschenk, een wonder.”