Armoede — De ’stille nood’
„WIJ horen heel wat over de alarmerende mondiale opwarming, aantasting van de ozonlagen en vervuiling van de oceanen”, zei dr. Mahbub Ul-Haq, adviseur bij de Verenigde Naties, maar hij voegde eraan toe: „Door de mondiale opwarming en veel andere nadrukkelijk gepresenteerde noodsituaties is nog geen mens omgekomen, [terwijl] de stille noden dagelijks veel mensenlevens eisen in de ontwikkelingslanden.” Dr. Ul-Haq ging in op een van die stille noden. „Armoede”, zei hij, „is in werkelijkheid de grootste moordenaar.” Hoe dat zo?
Voor veel van de 1,3 miljard mensen wereldwijd die moeten zien rond te komen van een dollar of minder per dag, wordt armoede inderdaad een dodelijke ramp. Jaarlijks sterven er, zo bericht het blad UN Chronicle, wel achttien miljoen mensen door „met armoede verband houdende oorzaken”. Dat aantal is verbijsterend! Stelt u zich de „schreeuwende” krantekoppen eens voor als bijvoorbeeld de hele bevolking van Australië, zo’n achttien miljoen mensen, in één jaar van honger zou omkomen! Toch wordt er over de dood van deze miljoenen armen „niet veel gepraat”, werd in een radiouitzending van de VN opgemerkt. Het is echt een ’stille ramp’.
Om de stilte te verbreken, bespraken vertegenwoordigers van 117 landen die de allereerste Wereldtopconferentie voor Sociale Ontwikkeling bijwoonden, manieren om het armoedeprobleem van de wereld aan te pakken. „Honderdvijftig jaar geleden ondernam de wereld een kruistocht tegen de slavernij”, bracht James Gustave Speth, hoofd van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties, in herinnering. „Nu moeten wij een internationale kruistocht tegen de massale armoede ondernemen.” Vanwaar de bezorgdheid? Armoede, zo waarschuwde hij, „kweekt wanhoop en instabiliteit en brengt onze wereld in gevaar”.
Maar terwijl de afgevaardigden nog manieren bespraken om een eind aan de armoede te maken, liet een ’armoedeklok’, die bijhoudt hoeveel baby’s er dagelijks in arme gezinnen worden geboren, zien dat het mondiale armoedebeeld somberder werd. De klok, te zien in de conferentieruimte, gaf aan dat er in de week die de topconferentie had geduurd, bijna 600.000 nieuwgeborenen waren toegevoegd aan de alsmaar groeiende gelederen van de armen. Aan het eind van de slotdag van de topconferentie werd de tentoongestelde klok stilgezet; maar in werkelijkheid, zo merkte Speth op, „tikt de klok door”. De vraag is nu: Zal dat gehoord worden?