Drugs, spiritisme en de bijbel
Paulus waarschuwde eerste-eeuwse christenen tegen de „beoefening van spiritisme” (Galaten 5:20). Het Griekse woord dat Paulus hier gebruikte, far·maʹki·a, betekent letterlijk „het gebruik van drogerijen (drugs)”. „Daar heksen en tovenaars drogerijen (ofte wel drugs) gebruikten,” wordt in The Interpreter’s Bible verklaard, „werd het woord de aanduiding voor hekserij, betovering, toverij en magie.”
Het is niet verwonderlijk dat drugs een rol spelen in het hedendaagse spiritisme. Zo is naar verluidt bijvoorbeeld van alcohol en drugs gebruik gemaakt om nieuwe leden in te wijden in satanische culten. Men zegt ook dat drugs wel gebruikt worden om een slachtoffer gewilliger te maken in verband met het verrichten van taken bij de satanische ceremoniën. Hoe het ook zij, Petrus schreef dat de Duivel rondgaat „als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden” (1 Petrus 5:8). Het Griekse woord ka·taʹpi·no, dat met „verslinden” is vertaald, betekent in overdrachtelijke zin „opslokken” of „overweldigen”. Dat is nu precies wat drugs en spiritisme doen. Voor christenen een krachtige reden om elke vorm van drugsgebruik te vermijden. — Vergelijk 2 Korinthiërs 4:4.