„’Jehovah’ door nazi’s uitgewist”
DIE woorden vormden de kop op de voorpagina van de New York Herald Tribune van 20 november 1938. In het artikel stond: „Protestantse kerken in sommige delen van het land [Duitsland] kregen bevel het woord ’Jehova’ — de Duitse spelling van Jehovah, ontleend aan ’Jahweh’, Hebreeuws voor God — en ook de oudtestamentische namen van joodse profeten te verwijderen.”
Dit alles maakte deel uit van de nazistische vervolgingscampagne tegen de joden. Terzelfder tijd was het ongetwijfeld bedoeld om een slag toe te brengen aan Jehovah’s Getuigen, die sinds 1933 verboden waren en ook naar de concentratiekampen werden gestuurd.
In 1933 waren er 19.268 actieve Getuigen in Duitsland. Nu, na zo hardnekkig bestookt te zijn door de nazi’s en, tot voor kort, door de communisten in Oost-Duitsland, zijn er 163.000 Getuigen, verbonden met 1938 gemeenten. En de naam Jehovah is niet uit de Duitse woordenschat uitgewist. Overal in Duitsland zijn de Zeugen Jehovas, Jehovah’s Getuigen, bekend.
Zou u graag meer informatie over de Getuigen ontvangen, dan kunt u zich in verbinding stellen met de plaatselijke Koninkrijkszaal of schrijven naar Wachttoren (Nederland), Noordbargerstraat 77, 7812 AA Emmen; voor België naar Wachttoren, Potaardestraat 60, B-1950 Kraainem; of naar een van de adressen op blz. 5.
[Illustratie op blz. 32]
Het bijkantoor van Jehovah’s Getuigen in het Duitse Selters/Taunus