Voor elkaar gemaakt
DE VLEERMUIS heeft een fijne neus voor nectar, de agave heeft stuifmeel nodig, en beide zijn eropuit te behagen. Elk zou het leven zonder de ander moeilijk vinden.
Sanborns langneusvleermuis trekt voor de zomermaanden naar Arizona en New Mexico. In die tijd schiet de stengel van de agave zo’n zes meter omhoog, met zijtakjes vol gele bloemen. De vleermuis eet ’s nachts; de gele bloemen produceren alleen ’s nachts nectar; vogels krijgen overdag slechts de restjes. Als de vleermuis op de bloesem landt, vult zijn tong zich met bloed en kan dan zeer ver worden uitgestoken, tot een derde van zijn lichaamslengte, zodat hij de nectar kan verorberen. Bij het weggaan neemt de vleermuis stuifmeel mee naar de volgende plant die hij bezoekt. De vleermuis is in de zomermaanden voor overleving van de plant afhankelijk; de plant is van de vleermuis afhankelijk voor kruisbestuiving.
Doordat de mens de vleermuizen echter lukraak doodt en hun woongebieden vernietigt, voorspelt de toekomst al evenmin veel goeds voor de wilde agaven. Zal de mens ooit leren om te leven en te laten leven?
[Illustratieverantwoording op blz. 31]
Merlin D. Tuttle, Bat Conservation International