Was de koningin van Scheba geen koningin?
Als een rooms-katholieke priester en archeoloog zijn zin krijgt, zal de koningin van Scheba haar titel en plaats in de geschiedenis kwijtraken. Albert Jamme, verbonden aan de Catholic University in Washington (DC), zou haar zelfs uit haar land willen verwijderen. Waarom houdt hij er deze ideeën op na? Hij zegt dat zij in Ethiopië koningin Maqweda wordt genoemd. Volgens zijn theorie is dat een „verkeerde vertaling van het Arabische woord maqtuwiat” en niet „een persoonlijke naam, maar een titel die ’stamhoofd’ betekent”. Vervolgens, afgaande op enkele Assyrische annalen, veronderstelt hij dat het volk van Scheba (de Sabaeërs) dichter bij de Assyrische grens een handelspost hadden, zodat de „koningin” in werkelijkheid slechts een stamhoofd in deze buitenpost was en bovendien niet eens in Scheba zelf, dat in het zuidwesten van Arabië lag.
Ook andere archeologen trekken de nauwkeurigheid van het bijbelverslag in twijfel, omdat zij van mening zijn dat de reis van Arabië naar Jeruzalem te lang was voor die tijd. Maar zijn zij vergeten dat Abraham in een nog vroegere periode een heel lange reis maakte? (Gen. 11:31; 12:1-5) Noch de koningin van Scheba noch Abraham zijn zo ver gegaan als bepaalde archeologen in hun denken.
Om te verklaren waarom het verhaal in de bijbel staat, zegt Jamme: „Salomo was in werkelijkheid een heel onbelangrijk koning. De propagandisten van het Oude Testament verhoogden de belangrijkheid van Scheba om Salomo’s reputatie op te vijzelen.” Of is de kwestie veeleer dat de archeoloog de belangrijkheid van Salomo bagatelliseert om zijn eigen giswerk op te vijzelen? Als Jezus Christus niet aarzelde de koningin van Scheba als zodanig te aanvaarden, moet iemand die belijdt een volgeling van Christus te zijn, dat dan wel doen? Jezus erkende dat zij een lange reis had gemaakt door te zeggen: „Zij kwam van de einden der aarde.” Wat vindt u? — Matth. 12:42.