Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g77 22/11 blz. 3-5
  • IJdelheid! IJdelheid! Is alles slechts ijdelheid?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • IJdelheid! IJdelheid! Is alles slechts ijdelheid?
  • Ontwaakt! 1977
  • Vergelijkbare artikelen
  • Het boek Prediker — Een les in werkelijke waarden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1980
  • Wat is de zin van het leven?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
  • Wat maakt het leven de moeite waard?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2008
  • Bijbelboek nummer 21 — Prediker
    „De gehele Schrift is door God geïnspireerd en nuttig”
Meer weergeven
Ontwaakt! 1977
g77 22/11 blz. 3-5

IJdelheid! IJdelheid! Is alles slechts ijdelheid?

TOT de bekende gezegden van koning Salomo uit de oudheid behoren de woorden: „De grootste ijdelheid! Alles is ijdelheid!” Hij bemerkte dat „alles . . . ijdelheid [was] en een najagen van wind, en er was niets dat voordeel afwierp onder de zon”. — Pred. 1:2; 2:11.

Had Salomo gelijk? In de zin dat hij dit bedoelde, ja, want hij sprak uit ervaring. Niet alleen was hij terecht vermaard om zijn grote wijsheid, maar ook had hij een ontzaglijke hoeveelheid bezittingen vergaard van allerlei aard, waaronder wijngaarden en boomgaarden, tuinen en parken, zilver en goud, zangers en zangeressen, exotische vogels, en viervoetige dieren. En toch schonken al deze dingen hem geen tevredenheid en voldoening. Het was inderdaad allemaal ijdelheid, „een najagen van wind”. — 1 Kon. 4:29-34; 10:22; Pred. 2:3-11.

En hetzelfde is waar gebleken in het geval van vooraanstaande mensen in deze tijd, die naar rijkdom, roem of macht hebben gestreefd, of het nu miljonairs of staatshoofden betreft. Eén van de rijkste mannen van deze tijd, wiens laatste levensjaren de waarheid van Salomo’s woorden onderschrijven, was Howard Hughes. Ons wordt verteld dat hij gedurende de laatste vijftien jaar van zijn leven „een somber, vreugdeloos, half krankzinnig bestaan leidde . . . in feite een gevangene van zijn eigen fnuikende angsten en zwakheden”, en terzelfder tijd overgeleverd aan de genade van de kliek mensen die hem omringden (Time, 13 december 1976). Zijn verrichtingen op het terrein van de luchtvaart en zijn zakelijk inzicht hadden hem grote rijkdom en macht bezorgd, maar beslist geen tevredenheid of geluk.

Dan zijn er ook mensen die roem en macht nastreven in de openbare arena van de politiek. Hoe onzeker is vaak hun lot! En hoe zelden blijkt een dergelijke carrière werkelijk voldoening schenkend te zijn! In dit opzicht vormen zelfs de staatshoofden van veel landen geen uitzondering.

De conclusies van de Amerikaanse geleerde J. Robitscher, hoogleraar in de rechtsgeleerdheid aan de Emory-universiteit, bevestigen dit. In een terugblik op het leven van de gewezen presidenten van de Verenigde Staten, schreef hij: „De winnaar heeft vier jaar macht verworven, maar als hij tijd vindt om erover na te denken, moet hij zichzelf afvragen: ’Is het alle moeite wel waard geweest?’”

Robitscher maakte deze opmerking in verband met Abraham Lincoln, door velen beschouwd als de beste president die het land ooit heeft gehad. Toen de voorganger van Lincoln, Buchanan, zijn ambt neerlegde, zei hij tegen Lincoln: „M’n beste, wanneer het betreden van het Witte Huis u even gelukkig maakt als mij mijn terugkeer naar Wheatland [zijn landgoed in Pennsylvania], bent u waarlijk een gelukkig man.” Na op de hoogte gebracht te zijn van de moord op zijn vader, zei Lincolns zoon „Tad”: „Hij was nooit meer gelukkig na zijn komst hier. Dit was geen goede plaats voor hem!” Volgens de historici zijn vier van de achtendertig presidenten van de Verenigde Staten vermoord en zijn vier van hen tijdens hun ambtsperiode aan kennelijk natuurlijke oorzaken overleden. Van de overige dertig hebben slechts een handjevol zich tot het eind van hun ambtstermijn in het volledige respect van het Amerikaanse volk kunnen blijven verheugen.

Hetzelfde kan op het gebied van sport gezegd worden. Een van de succesvolste honkbalspelers van Amerika, die zich nu uit de sport heeft moeten terugtrekken maar nog altijd met genoegen een plakboek met knipsels van zijn prestaties doorkijkt, geeft niettemin toe: „Ik herinner me nog goed hoe het was en hoe ik dacht dat het altijd zo zou blijven.” In dezelfde geest zei een beroemd basketballspeler, die momenteel $100.000 per jaar verdient: „Achter de [verwezenlijkte] droom van beroepsspeler gaat verschrikking schuil. Langzaam kom je tot het besef dat het eens afgelopen zal zijn, hetgeen gepaard gaat met de angstige onzekerheid niet te weten wat je daarna te wachten staat. Wanneer het spelen over is, wordt iemand wellicht gewaar dat hij zijn jeugd aan het spelen van een spel heeft verspild, en dat nu zowel het spel als zijn jeugd voorbij zijn.” Hij besloot met te zeggen: „Na alle jaren van oefenen en alle uren van roem wacht je onverbiddelijk die angst zonder het spel verder te moeten leven.” „Onverbiddelijk die angst zonder het spel verder te moeten leven”? Is dat het waard of is de roem waarmee sport gepaard gaat, eveneens ijdelheid?

Waarom zijn Salomo’s woorden, dat ’alles ijdelheid is’, zo waar? Voornamelijk vanwege de zelfzucht die aan de mens eigen is. Vanwege de hebzucht van onze eerste ouders is ’de neiging van ons hart slecht van onze jeugd af’ (Gen. 8:21). Daarom lezen wij dat degenen „die besloten zijn rijk te worden [hetgeen wellicht roem en macht met zich brengt], . . . in verzoeking en een strik en vele zinneloze en schadelijke begeerten [vallen], die de mensen in vernietiging en verderf storten. Want de liefde voor geld is een wortel van allerlei schadelijke dingen”. — 1 Tim. 6:9, 10.

Bovendien komt daar nog de onzekerheid van alles bij. Ook dat maakt het vaak ijdel ons hart op materialistische doeleinden te richten. Ja, Salomo merkte terecht op „dat niet de snellen de wedloop hebben, noch de sterken de strijd, noch ook de wijzen het voedsel hebben, noch ook de verstandigen de rijkdom hebben, noch zelfs zij die kennis bezitten de gunst hebben; want tijd en onvoorziene gebeurtenissen treffen hen allen.” Hoe waar is dit! Hoe onzeker is de toekomst! — Pred. 9:11.

Er is echter één situatie waarvoor niet geldt dat alles ijdelheid is en een najagen van wind. Wanneer dat gezegd kan worden? Wel, wanneer men zijn leven laat leiden en motiveren door de beginselen en waarheden die in het Woord van God staan uiteengezet. Dat boek, de bijbel, staat vol voorbeelden van personen wier leven niet met ijdelheid gevuld was, voorbeelden zoals die welke in Hebreeën hoofdstuk 11 vermeld staan.

Maar we hoeven ons niet tot voorbeelden uit de Schrift te beperken. Er zijn vele hedendaagse dienstknechten van Jehovah God die bemerkt hebben dat het nastreven van materiële doeleinden ijdelheid is en die zich hebben gekeerd tot een leven dat hun werkelijk voldoening en geluk heeft geschonken. Neem bijvoorbeeld een vrouw in een leidinggevende positie die, tevergeefs, bevrediging in de zakenwereld en in de Vrouwenbevrijdingsbeweging zocht. Zij vond pas ware bevrediging toen zij kennis van de Schepper verwierf en haar leven met zijn wil en voornemens in overeenstemming bracht. En keer op keer is ditzelfde ook waar gebleken ten aanzien van personen die in de amusements- en sportwereld een prominente plaats innamen.

Rechtstreeks op deze kwestie van toepassing zijn de volgende geïnspireerde woorden van de apostel Paulus: „Lichamelijke oefening is nuttig voor weinig, maar godvruchtige toewijding is nuttig voor alle dingen, daar ze een belofte inhoudt voor het tegenwoordige en het toekomende leven.” Hoe dat zo? Wel, in die zin dat het nastreven van godvruchtige toewijding iemand helpt de lichamelijke en geestelijke gevolgen te vermijden van verslaving aan drugs, gokken, alcoholisme, vrij geslachtelijk verkeer en het hebzuchtig nastreven van rijkdom, roem of macht. Ja, „ze is . . . een middel tot groot gewin, deze godvruchtige toewijding gepaard aan het genoegen nemen met wat men heeft”, ofte wel tevredenheid. — 1 Tim. 4:8; 6:6-8.

Kan er dus terecht gezegd worden dat alles slechts ijdelheid is? Wegens hebzucht of omstandigheden voor verreweg de meerderheid der mensen, ja. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Het leven kan voldoening schenkend, lonend en gelukkig zijn — MITS men toestaat dat God in het beeld verschijnt.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen